Vrouwen en opiaten: een stille meerderheid
Aan ons onderzoek naar ervaringen met de afbouwzorg in Nederland en het afbouwen van opioïden hebben ruim 700 mensen deelgenomen.
Tussen de 80 en 90 procent van deze respondenten is vrouw.
Deze resultaten gaan dus vooral over vrouwen — en wat er voor hen misgaat in de afbouwzorg.
Reageren op de Kritische Analyse Afbouwzorg?
Wat vind jij van deze analyse? Wij horen graag hoe jij dit ervaart. Alle meningen zijn welkom!
👉 klik hier om te reageren. Dat kan ook anoniem.
De onderzoeksgroep
Het gaat om een groep vrouwen die vaak al jarenlang in zorg is en meerdere pogingen heeft gedaan om af te bouwen.
De meeste vrouwen zijn tussen de veertig en zestig jaar, maar ook jongere en oudere vrouwen zijn vertegenwoordigd.
Vaak is er sprake van een lange gebruiksgeschiedenis in combinatie met een chronische aandoening die veel pijn veroorzaakt.]
In onze Opiaten Afbouwen Contactgroep zijn de meeste mensen lichamelijk afhankelijk van opiaten. Dit is een reactie van het zenuwstelsel op langdurig gebruik en staat los van iemands wil of motivatie.
Een deel van de groep is daarnaast ook geestelijk afhankelijk. Hoe groot deze groep precies is, is niet vast te stellen. Binnen de groep lijkt dit om een minderheid te gaan, maar dat weten wij niet zeker.
de respondenten zijn allemaal met ons in contact gekomen via onze website of, de meesten, via Facebook.

Binnen de groep zien we verschillende patronen:
•sommige vrouwen blijven langdurig gebruiken, maar verminderen hun gebruik
•anderen bouwen af tot nul en behouden dit resultaat
•weer anderen slagen erin te stoppen maar beginnen opnieuw, meestal door terugkerende pijn
Vrouwen die puur uit zucht opnieuw beginnen, zien wij zelden in onze onderzoeksgroep. Als er sprake is van zucht, is dit vrijwel altijd in combinatie met pijn.
Reageren vrouwen anders op opioïden en afbouwen?
Stigmatisering
Vrouwen geven in ons onderzoek regelmatig aan dat zij te maken hebben met een negatieve of argwanende houding van zorgverleners tijdens het afbouwen.
Ook lijkt de houding van de arts of behandelaar soms dominanter te worden, wat niet bevorderlijk is voor het onderlinge contact en wederzijds begrip.
Naarmate de sfeer slechter wordt is er steeds minder ruimte voor overleg of maatwerk.
Je ziet dit heel duidelijk terug in de uitslag van de Poll Houding zorgverlener.
De stigmatisering binnen de afbouwzorg kan verschillende vormen aannemen, maar heeft één duidelijk effect: het maakt het afbouwen moeilijker en kan leiden tot lichamelijke en geestelijke uitputting, waardoor mensen uiteindelijk de moed opgeven.
👉 Hoe langer het gebruik, hoe groter de kans op problemen bij afbouwen
“Iedereen ziet het gebeuren, maar niemand trekt aan de noodrem.”
(Saskia)
Europese en internationale studies laten zien dat vrouwen vaker opioïden voorgeschreven krijgen en deze ook vaker langdurig gebruiken.
Daar is ook een verklaring voor: Vrouwen hebben vaker chronische pijn, en krijgen daardoor vaker en langer opioïden
duur van gebruik = grotere kans op problemen bij afbouwen
Hoe langer iemand opioïden gebruikt, hoe groter de kans op lichamelijke afhankelijkheid en problemen bij het afbouwen. Juist omdat vrouwen gemiddeld langer opioïden gebruiken, is het logisch dat zij vaker vastlopen in het afbouwproces.
ntbrekend onderzoek
Hoe het exact zit met deze cijfers en het verschil tussen mannen en vrouwen in gebruik en afhankelijkheid weten we niet: er wordt geen onderzoek gedaan naar mensen die opiaten op doktersrecept gebruiken.
er zijn wel statistieken maar die gaan allemaal over het gebruik van fentanyl, heroïne en dergelijke.patiëntengroep die opiaten op doktersrecept gebruikt, wordt nooit onderzocht, ook niet in het buitenland,
Wat zien we in de uitkomsten?
Zoals we terugzien in de resultaten van het onderzoek hebben deze vrouwen veel moeite met afbouwen.
Dat heeft niet alleen te maken met de langdurige pijn waar zij mee te maken hebben, maar ook met een gevoelig zenuwstelsel dat snel overprikkeld raakt wanneer er te snel wordt afgebouwd.
We zien dat het zwaartepunt ligt bij gebrek aan deskundigheid, tekortschietende begeleiding en het ontbreken van ondersteuning en maatwerk — en dat vrouwen daar in de praktijk veel hinder van ondervinden.
👉 Hoe langer het gebruik, hoe groter de kans op problemen bij afbouwen
“Iedereen ziet het gebeuren, maar niemand trekt aan de noodrem.”
(Saskia)
Reageren vrouwen heftiger op afbouwen dan mannen?
Dat is voor zover wij weten nooit onderzocht. Wat we wel weten is dat binnen de medische zorg van oudsher de meeste medicijnen en behandelingen worden getoetst op mannen.
Vrouwen zijn lange tijd ondervertegenwoordigd geweest in medisch onderzoek, en verschillen worden nog steeds niet altijd apart geanalyseerd.
Conclusie: niet alleen weten we heel erg weinig over de grootste groep gebruikers van opiaten, we weten ook helemaal niets over de beste manier van afbouwen voor vrouwen.
Een ruwe schatting
• ±414 vrouwen zijn niet positief over de afbouwzorg (69%)
• ±402 vrouwen ervaren ernstige ontwenningsverschijnselen (67%)
• ±342 vrouwen ervaren onvoldoende begeleiding (57%)
• ±318 vrouwen geven aan dat het afbouwen te snel gaat (53%)
• ±318 vrouwen missen aandacht voor lichamelijke klachten en pijn (53%)
• ±270 vrouwen ervaren een gebrek aan deskundigheid (45%)
• ±222 vrouwen ervaren onvoldoende inspraak (37%)
• ±222 vrouwen voelen zich niet respectvol behandeld (37%)
• ±216 vrouwen missen aandacht voor psychische begeleiding (36%)
• ±96 vrouwen kregen te maken met abrupt stoppen (16%)
Dit zijn de cijfers die wij presenteren.
Dat alleen al is reden om dit serieus te nemen.
Wat zegt de uitslag van onze gecombineerde op zoeken?
Het is uiteraard goed mogelijk dat vooral mensen met negatieve ervaringen ons onderzoek hebben ingevuld.
Maar dan gaat het nog steeds om honderden mensen die aangeven dat het in de afbouwzorg misgaat.
Uitgaand van een totaal van ruim 600 vrouwelijke respondenten, dan zijn dit geen losse ervaringen, maar om grote aantallen vrouwen die tegen dezelfde problemen aanlopen.