top of page

Pleidooi voor Patiëntgerichte Afbouwzorg

Praktische inzichten voor artsen

samenvatting en bevindingen_edited.jpg

Hoe ervaren mensen het afbouwen van opiaten in de praktijk?
Waar lopen zij op vast — en wat helpt juist wél?

Deze pagina is opgebouwd vanuit honderden ervaringen van mensen die zelf geprobeerd hebben opioïden op doktersrecept af te bouwen.

In totaal deelden ruim 600 respondenten hun ervaringen, inzichten en praktische lessen met ons binnen het Overkoepelend Onderzoek Afbouwzorg Nederland.

Wat daarin opvalt, is dat veel problemen steeds terugkomen:
• te snel afbouwen

• ernstige ontwenningsklachten

• gebrek aan begeleiding

• het gevoel er alleen voor te staan.

Ook binnen onze Facebookgroep horen wij al jaren lang vrijwel dezelfde verhalen terugkomen.

Soms denken wij wel eens: als op deze punten meer aandacht, tijd en kennis zou worden ingezet, dan kon je heel veel problemen misschien bij voorbaat al voorkomen.

 

Maar er is nog iets waar veel mensen behoefte aan hebben, al wordt dat lang niet altijd hardop uitgesproken:

Empathie

Gezien en gehoord worden als mens. 
Serieus genomen worden.
Samen zoeken naar wat wél haalbaar is.

Maar op deze pagina willen wij vooral heel veel praktische ervaringen en inzichten delen. 

Niet als kant-en-klare handleiding, maar als inzichten vanuit de praktijk van mensen die het zelf hebben meegemaakt - of hier al jaren mee bezig zijn

Mensen willen vaak sneller afbouwen dan hun lichaam aankan

Het is belangrijk om te begrijpen dat mensen vaak gemotiveerder zijn om af te bouwen dan hun omgeving denkt.

Maar in veel gevallen zijn er hele reële problemen die hen tegenhouden.

Veel mensen krijgen opmerkingen te horen zoals: “Maar je kunt toch gewoon stoppen?”

Maar zo eenvoudig ligt het niet.

Mensen die zelf nooit opioïden hebben gebruikt of nooit hebben geprobeerd af te bouwen, hebben vaak geen idee hoe ingrijpend deze ervaring kan zijn, zeker wanneer er ook sprake is van chronische pijn of andere lichamelijke klachten.

Juist die pijn kan het afbouwen voor veel mensen extreem zwaar maken.

Daarnaast weet niemand vooraf precies hoeveel pijn iemand uiteindelijk zal overhouden, of iemand volledig tot nul zal kunnen afbouwen of uiteindelijk toch op een onderhoudsdosis uitkomt.

Afbouwen is daarom voor veel mensen een proces van uitproberen, aanpassen, vallen en opnieuw proberen.

Juist die onzekerheid kan een enorme psychische belasting vormen.

Maar dat is iets wat de omgeving vaak niet begrijpt. Ook sommige artsen denken soms dat het afbouwtempo wel wat hoger kan.

Dit geeft mensen het gevoel dat zij het fout doen, tekortschieten of falen.

Sommige mensen proberen daardoor sneller af te bouwen dan hun lichaam aankan, waardoor ontwenningsklachten onnodig heftig kunnen worden.

Dit vergroot de angst voor het afbouwen, vermindert het zelfvertrouwen en verkleint de kans op een succesvol afbouwtraject.


Soms zijn mensen zo bang dat ze daarom maar kiezen voor cold turkey, omdat ze de stress niet meer aankunnen

Rocket science

Wij zeggen wel eens:

afbouwen is geen rocket science.

Maar eigenlijk is het dat natuurlijk wél.


Tenminste… als je het goed wilt doen.

Misschien is dit wel het ideale recept voor een goed afbouwtraject:

• 10% rocket science
• 20% luisteren
• 20% coaching
• 20% empathie
• 20% gezond verstand

Oh ja… en daarnaast helpt het ook als je heel goed begrijpt wat opioïden

doen in het menselijk lichaam.

Kloppen de percentages niet?

Dat gebeurt wel vaker tijdens het afbouwen.

Voeg gerust nog 50% flexibiliteit toe.

 

Dan kom je meestal een heel eind.

Zo kan je ontwenningsklachten verminderen

Er zijn verschillende manieren om ontwenningsklachten te verminderen, zoals:
 

  • ondersteuning met medicatie

  • aanpassen van het afbouwtempo

  • overstappen naar een ander middel

  • stabiliseren
     

👉 Lees welke mogelijkheden er zijn en hoe deze in de praktijk worden toegepast.

👉 Lees meer over ontwenningsverschijnselen en waarom die in de praktijk soms veel erger zijn dan nodig is →

👉

Veel mensen geven aan dat kleinere afbouwstappen mogelijk hadden kunnen helpen om heftige klachten te verminderen.

👉 Lees verder: Onderzoek lagere doseringen oxycodon en tramadol

🟢 Wat zou kunnen helpen

In het onderzoek geven patiënten aan behoefte te hebben aan:
 

- Meer deskundigheid bij artsen 45 %
 

- Meer begeleiding bij het afbouwen 57 %

- Rustiger afbouwtempo 53%

- Betere ondersteuning bij lichamelijke klachten, pijn 53 %

Maar in veel gevallen worden de wensen van de patiënt niet omgezet in behandelbeleid.

We zien dat aan de cijfers van de poll Houding zorgverleners. veel mensen geven aan niet serieus genomen te worden door hun arts.





 

De Gouden Tip

vragen aan mensen: wat is jouw Goudentip voor artsen, om mensen echt te helpen, zo concreet mogelijk.

We hebben het nu dus even niet over luisteren en dat soort dingen, maar concrete dingen die ze direct kunnen uitvoeren om de patiënt te ondersteunen op het moment dat het moeilijk gaat.

🔴 Kernproblemen in de praktijk en wat helpt bij afbouwen


Hieronder laten we zien hoe deze problemen zich in de praktijk uiten — en wat volgens respondenten kan helpen.

🔶 Ernstige ontwenningsverschijnselen

 

67% (ruim twee derde) van de respondenten ervaart ernstige ontwenningsverschijnselen tijdens het afbouwen.

 

Voor mensen die hier geen persoonlijke ervaring mee hebben, is het moeilijk voor te stellen hoe extreem deze klachten kunnen zijn.

 

Veel respondenten beschrijven deze periode als één van de zwaarste ervaringen in hun leven.

Dit moet je weten
Ernstige ontwenningsverschijnselen horen niet automatisch bij afbouwen.

hoe kom je erachter of ontwenningsverschijnselen ernstig zijn?

-  als mensen dagen achter elkaar niet meer slapen

-  bespreek het met de patiënt; luister wat die vertelt.

 




 

Wat helpt volgens respondenten

​Snelle oplossing
clonidine helpt tegen ontwenningsverschijnselen.
• een rustiger afbouwtempo

• beter gebruik maken van mogelijkheden om ontwenningsverschijnselen te verminderen, zoals clonidine, overstappen op een ander (langwerkend)  opiaat

• meer begeleiding en ondersteuning tijdens het proces

• beter luisteren naar de patiënt

• de patiënt serieuzer nemen

 

Een eerste stap:

Meer ruimte nemen om te luisteren naar wat een patiënt aangeeft en het tempo daarop afstemmen.



 

Sommige artsen geven zelf aan weinig ervaring te hebben met het begeleiden van afbouwtrajecten.

Dit zijn vaak de artsen die openstaan voor overleg en advies.

 

👉 Hun kracht: bereidheid om te luisteren en te leren.

​​

Er zijn ook artsen die denken dat ze weten hoe het moet — maar waarbij dat in de praktijk niet klopt.
 

👉 Dat leidt tot verkeerde adviezen, een te hoog tempo en onnodig zware trajecten

 

45% van de respondenten noemt een gebrek aan deskundigheid bij de begeleiding van het afbouwen.

 

Tegelijkertijd ervaart 67% ernstige ontwenningsverschijnselen, en geeft 53% aan dat het afbouwen te snel gaat of niet aansluit bij wat zij aankunnen.

 

Deze combinatie van cijfers wijst erop dat afbouwtrajecten in veel gevallen niet aansluiten bij wat mensen lichamelijk aankunnen.

Oftewel: ze gaan gewoon te snel.

🔶 Gebrek aan deskundigheid en te hoog afbouwtempo

Wat helpt volgens respondenten

 

• een flexibel afbouwtempo dat kan worden aangepast

• ruimte voor overleg met de patiënt en bijsturen

• meer kennis en ervaring bij de begeleidend arts

• vaker intercollegiaal overleg

 

Een eerste stap:

Vaker overleggen met collega’s of gespecialiseerde artsen wanneer het afbouwen moeizaam gaat, of wanneer er twijfel is over het afbouwtraject. 

Wie opiaten-op-doktersrecept gebruikt vanwege chronische pijn, krijgt soms meer te verduren dan pijn. Onbegrip, wantrouwen en kritische opmerkingen over het opiaatgebruik kunnen hard aankomen en veel emotionele pijn en stress veroorzaken.​​​​​​​

Hardnekkige vooroordelen

Mensen die opioïden-op-doktersrecept gebruiken, horen niet thuis in de standaardcategorie van ‘verslaafden’.

Toch krijgen zij vaak te maken met hardnekkige vooroordelen over opioïdgebruik. Niet alleen in de maatschappij, maar soms ook in de spreekkamer van de arts. Of bij de apotheek.

Sommige patiënten zeggen:

“Het lijkt alsof ik het bij voorbaat al fout gedaan heb. Alsof ik niet te vertrouwen ben.”

Veel mensen geven aan dat zij anders behandeld worden sinds zij opioïden gebruiken.

“Ik heb het gevoel dat ik voortdurend moet bewijzen dat ik geen junk ben.”

Wat ligt ten grondslag aan deze stigmatisering?

Is er sprake van een diepgeworteld taboe rondom opioïden, dat zich ook uitstrekt tot medicatie die door artsen zelf wordt voorgeschreven?

Speelt het idee mee dat mensen zelf verantwoordelijk zijn voor hun afhankelijkheid?

Of ontbreekt het soms aan voldoende kennis over wat langdurig opioïdgebruik en afbouwen daadwerkelijk met mensen doet?

Clonidine bij ontwenningsklachten
Clonidine wordt binnen de afbouwzorg opvallend weinig besproken, terwijl patiënten regelmatig aangeven dat het helpt bij ontwenningsverschijnselen zoals onrust, zweten, hartkloppingen en een opgejaagd gevoel.

Binnen het Onderzoek Afbouwzorg Nederland gaf meer dan de helft van de respondenten aan dat clonidine nooit ter sprake kwam tijdens de begeleiding. Van de mensen die het middel wel gebruikten, waren de ervaringen vaak positief.

Opvallend is dat clonidine regelmatig door patiënten zelf wordt genoemd, en niet door de behandelaar.

 

53% van de respondenten geeft aan dat er onvoldoende aandacht is voor pijn en andere lichamelijke klachten tijdens het afbouwen.
 

Deze pijn kan voor de patiënt zeer belastend zijn en het afbouwproces aanzienlijk zwaarder maken.
 

Het gaat hierbij niet alleen om bestaande pijnklachten, maar ook om pijn die ontstaat door het afbouwen zelf.
 

Pijn is een vast onderdeel van het afbouwen en neemt vaak toe naarmate er verder wordt afgebouwd.

Juist daarom vraagt dit om gerichte aandacht tijdens het afbouwen, en niet alleen om behandeling van pijn los van het afbouwtraject, bijvoorbeeld via een pijnpoli.
 

Daarom is het belangrijk dat medicatie die afbouwklachten kan verminderen zoveel mogelijk wordt ingezet. In de praktijk gebeurt dit echter niet altijd.

 

🔶 Lichamelijke klachten en pijn

Wat helpt volgens respondenten

•meer aandacht voor pijn en lichamelijke klachten

•inzet van ondersteunende medicatie zoals clonidine

•betere afstemming van het tempo op lichamelijke belasting

 

Een eerste stap:

Ook hier kan overleg met collega's of een verslavingsarts zinvol zijn. Pijn en lichamelijke klachten hangen nauw samen met afbouwen. 

 

41% van de respondenten geeft aan onvoldoende psychische begeleiding te krijgen tijdens het afbouwen.

 

Het gevoel er alleen voor te staan, de wanhoop en teleurstelling over een traject dat vaak veel zwaarder is dan vooraf verwacht, en de aanhoudende pijn, maken dat mensen behoefte hebben aan ondersteuning.
 

Veel respondenten beschrijven dat het afbouwen niet alleen lichamelijk zwaar is, maar ook mentaal uitputtend. Twijfel, angst voor terugval en het gevoel vast te lopen spelen daarbij een grote rol.
 

Dit vraagt om tijd, aandacht en geduld, terwijl de reguliere artsenpraktijk hier vaak niet op is ingericht.

🔶 Psychische problemen: de belasting van het afbouwen

Wat helpt volgens respondenten

• laagdrempelig contact en ondersteuning

• ruimte om ook de mentale belasting te bespreken, niet alleen het afbouwschema

Een eerste stap:

• Vaker kort contact mogelijk maken en signalen van overbelasting eerder herkennen.

• Eventueel de hulp van een praktijkondersteuner inschakelen — iemand die meer tijd heeft voor gesprekken en kan helpen bij het omgaan met angst, twijfel en de mentale belasting van het afbouwen.

🔶 Begeleiding

57% van de respondenten ervaart onvoldoende begeleiding tijdens het afbouwen.

Wat in het onderzoek opvalt, is dat begeleiding vaak reactief is: er wordt pas bijgestuurd wanneer een patiënt zelf aangeeft dat het niet goed gaat. Wanneer de patiënt dat niet aangeeft, wordt er soms helemaal niet bijgestuurd.

Terwijl afbouwen juist vraagt om een actieve, meedenkende rol van de behandelaar — waarbij voortdurend wordt gekeken of het traject beter kan worden afgestemd op wat iemand aankan.

Begeleiding is een optelsom van wat iemand nodig heeft: aandacht voor pijn, psychische ondersteuning, afstemming van het tempo en ruimte voor overleg.

Daarbij is het medische meedenken van groot belang. De patiënt heeft vaak geen ervaring met afbouwen en kent de mogelijkheden niet.

Juist daarom is het aan de behandelaar om actief mee te kijken, zodat het afbouwtraject zo draaglijk mogelijk verloopt.

De patiënt is daarbij afhankelijk van de deskundigheid van de behandelaar.

Wat helpt volgens respondenten

• een proactieve opstelling van de arts
• bij klachten of problemen steeds kijken of aanpassing van het afbouwtraject verbetering kan opleveren
• niet wachten tot de patiënt uitgeput raakt, maar tijdig een stabilisatieperiode voorstellen

 

Een eerste stap:

Iedere klacht serieus bespreken en direct samen bekijken of aanpassing van het afbouwtraject nodig is - en wat dit kan opleveren.

🔶 Inspraak in het afbouwtraject

37% van de respondenten geeft aan onvoldoende inspraak te hebben in het afbouwtraject.
 

Gebrek aan inspraak kan leiden tot frustratie en demotivatie, en tot het gevoel geen grip te hebben op de situatie.

Het is niet voor niets dat het belang van shared decisionmaking in wetenschappelijk onderzoek naar het afbouwen van opiaten steeds wordt benadrukt.
 

Iedere afbouwstap is een nieuwe, grote uitdaging voor de patiënt. 
 

Juist daarom is het belangrijk dat er ruimte is voor inspraak — bijvoorbeeld bij het bepalen van het tempo en het moment van een volgende stap.

Zonder inspraak verandert afbouwen al snel in iets wat iemand overkomt, in plaats van iets waar iemand grip op heeft.

Wat helpt volgens respondenten

• meer inspraak in het afbouwtempo en het moment van afbouwen
• samen beslissen over het verloop van het traject
• ruimte om het tempo aan te passen wanneer dat nodig is
• serieus genomen worden in wat iemand zelf aangeeft aan te kunnen

 

Een eerste stap:

Actief bespreken welke keuzes er zijn en samen bepalen hoe het afbouwtraject wordt ingericht.

🔶 Gebrek aan respect / bejegening

37% van de respondenten ervaart een gebrek aan respect of voelt zich gestigmatiseerd.

 

Het gaat hierbij niet om beleefdheidsvormen, maar om hoe er daadwerkelijk wordt omgegaan met de patiënt en zijn/haar situatie.

37% van de respondenten ervaart een gebrek aan respect of voelt zich gestigmatiseerd.

Het gaat hierbij niet om beleefdheidsvormen, maar om hoe er daadwerkelijk wordt omgegaan met de patiënt en diens situatie.

Respondenten geven aan dat klachten soms worden gebagatelliseerd, dat er wantrouwen wordt gevoeld en dat zij zich moeten verantwoorden voor hun gebruik.

Dit kan ertoe leiden dat mensen zich minder vrij voelen om open te zijn, of terughoudend worden in het delen van belangrijke informatie rondom het afbouwen.

Wat helpt volgens respondenten

• De patiënt benaderen als gelijkwaardige gesprekspartner
• luisteren; klachten en klachten en ervaringen serieus nemen
• Verschillen in inzicht zijn onvermijdelijk — maar mogen er niet toe leiden dat de ervaring van de patiënt wordt weggewuifd.

 

Een eerste stap:

De patiënt serieus nemen in wat hij of zij aangeeft — zonder oordeel of wantrouwen.
 

De ervaring van de patiënt hoeft niet overeen te komen met het  perspectief van de arts, maar verdient wel om serieus genomen te worden.

👉 Lees meer over houding van de zorgverlener, respect en situaties waarin zorg over grenzen gaat.
 

🔶 Abrupt stoppen

16% van de respondenten heeft te maken gehad met situaties waarin abrupt stoppen (cold turkey) vanuit de zorg een rol speelde.

Daarnaast geven veel mensen aan dat zij zelf abrupt stoppen — als een uiterste stap, die vaak pas wordt gezet wanneer iemand zich met de rug tegen de muur voelt staan.

Hoewel wij hier geen exacte cijfers van hebben, zien we dit signaal zeer regelmatig terug in de ervaringen die met ons worden gedeeld.

Wij zien dat hier regelmatig een periode aan voorafgaat waarin klachten niet serieus worden genomen, onvoldoende ondersteuning wordt geboden en begeleiding ontbreekt.
 

Respondenten geven daarnaast aan dat abrupt stoppen soms ook vanuit de zorg wordt ingezet — bijvoorbeeld door het plotseling stoppen met voorschrijven of het sterk verlagen van de dosering.

In de praktijk kan dit voor de patiënt hetzelfde effect hebben als een cold turkey.
 

Cold turkey is zelden een oplossing voor de lange termijn. Het is een grote belasting voor lichaam en geest en kan leiden tot langdurige ontwenningsverschijnselen die soms maanden aanhouden.

Juist daarom is het belangrijk dat de behandelaar zich actief inzet om te voorkomen dat iemand zich genoodzaakt voelt tot deze stap.
 

Wij pleiten ervoor om zeer terughoudend om te gaan met cold turkey.
Naar onze mening zou abrupt stoppen alleen overwogen moeten worden wanneer daar een duidelijke medische reden voor is.

Wat helpt volgens respondenten

• Een afbouwtraject dat beter is afgestemd op de patiënt en waarin tijdig wordt bijgestuurd, kan voorkomen dat mensen uit wanhoop deze stap zetten. 

• 
De patiënt het gevoel geven dat hij/zij er niet alleen voor staat.
 

Een eerste stap:

Regelmatig evalueren hoe het gaat en het traject aanpassen wanneer klachten toenemen.

 

 

Veel respondenten geven aan dat het afbouwen vastloopt op de laatste stappen.

Standaard afbouwschema’s sluiten vaak niet aan op wat iemand lichamelijk aankan, zeker bij lage doseringen.

Juist in deze fase zijn kleinere stappen en meer maatwerk nodig om het afbouwen vol te kunnen houden.

🟡 Lage doseringen / maatwerk

Wat helpt volgens respondenten

• kleinere afbouwstappen, vooral aan het einde
• beschikbaarheid van laaggedoseerde medicatie
• flexibiliteit in tempo en dosering

 

Een eerste stap:

Mogelijkheden creëren voor afbouwen in kleinere stappen, afgestemd op wat iemand aankan.

👉 Lees meer over het beschikbaar komen van lage doseringen langwerkende oxycodon en tramadol en maatwerk bij afbouwen
 

 

Veel mensen geven aan dat zij bij de start van opioïden onvoldoende zijn geïnformeerd over de risico’s van langdurig gebruik en de mogelijke gevolgen bij het afbouwen.
 

Hierdoor beginnen mensen aan het gebruik zonder te weten hoe ingrijpend het afbouwen kan zijn.
 

Dit zorgt voor verkeerde verwachtingen en maakt de stap naar afbouwen later vaak zwaarder.

🟡 Gebrek aan voorlichting bij starten

Wat helpt volgens respondenten

• duidelijke voorlichting bij de start van het gebruik
• uitleg over afhankelijkheid en afbouwen
• realistische verwachtingen over het traject

 

Een eerste stap:

Bij het voorschrijven van opioïden standaard informeren over de mogelijke gevolgen op de lange termijn, inclusief het afbouwen.

Nodig: een standaardfolder waar in gewone begrijpelijke taal wordt uitgelegd wat opiaatgebruik inhoudt...etc.

 

👉 Lees meer over voorlichting en informatievoorziening

 

xxxxxxxxxxxxxxxxxxx

xxxxxxxxxx

🟡 Stopstigmatisering, vooroordelen in de Afbouwzorg

Wat helpt volgens respondenten

• bbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbb
• bbbbbbbbbbbbbbb
• rbbbbbbbbbb

 

Een eerste stap:

bbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbb

 

bbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbb
 

👉 Lees meer over voorlichting en informatievoorziening

Een nieuwe manier van afbouwen van opioïden — het begint met kijken naar de patiënt.

🔴Afbouwen kan anders — het begint met luisteren naar de patiënt.

Dit is een paragraaf. Klik hier om je eigen tekst toe te voegen.

Wat hier misgaat

Afbouwen vraagt maatwerk — maar wordt nog te vaak benaderd als een standaardproces.
 

Daardoor worden verkeerde inschattingen gemaakt, klachten niet herkend en oplossingen niet benut.

Gebrek aan kennis bij artsen Al hoewordt niet altijd erkend als probleem

Gebrek aan kennis en praktijkervaring wordt te vaak onderschat.
 

Daardoor worden keuzes gemaakt die niet aansluiten bij wat het lichaam aankan.
 

Klachten worden niet serieus genomen er wordt niet nagedacht over oplossingen, ontwenningsverschijnselen worden weggewuifd, genegeerd, de patiënt wordt uitgemaakt voor aansteller, kortom…
 

In sommige gevallen lijkt er naast gebrek aan begeleiding ook een gebrek aan bereidheid te zijn om mee te denken.

Hoe dat voelt

Wanneer het bij de arts ontbreekt aan deskundigheid, juist in een fase waarin men lichamelijk en geestelijk verzwakt is, kan dat grote schade aanrichten. Mensen raken ontredderd en stuurloos.

Opnieuw is het aan de patiënt of die zich daar doorheen kan worstelen, of dat dat niet lukt en daarmee ook het afbouwtraject mislukt.

Wat hier kan helpen

Erkennen wanneer ervaring of kennis ontbreekt
 

Actief overleggen met collega’s of specialisten bij twijfel

Ruimte maken voor maatwerk in plaats van standaardschema’s

Samen met de patiënt het tempo bepalen en bijstellen waar nodig
 

👉 Niet uitgaan van aannames, maar aansluiten bij wat er daadwerkelijk gebeurt in het lichaam.

👉 Afbouwen vraagt geen perfectie — maar wel aandacht, kennis en bereidheid om te luisteren.

 

Soms is het zo erg dat mensen ervoor kiezen om zich helemaal niet te laten begeleiden.


Ondertussen moet de patiënt het doen met de situatie zoals die is.

Deskundigheid verbeteren in de praktijk:
bijscholing, aanvullende cursussen

Het aanvullen van deze kennis bij alle huisartsen, pijnartsen en specialisten is een enorme toer. Het gaat veel geld kosten, er gaat veel tijd overheen voordat de kennis overal aanwezig is..

Ondertussen moet de patiënt het doen met de situatie zoals die is.

Alternatieven

• Een speciale patiëntenbegeleider ,die mogelijk bij verschillende huisartsen werkt, die het afbouwen onder zijn/haar hoede neemt, eventueel in overleg met de arts.

• Per regio vaste contacten tussen artsen die afbouwtraject een begeleiden en een verslavingsarts.

Begin bij de opleiding

Feit: de opleiding tot huisarts, pijnarts of specialist bevat geen leerstof over het afbouwen van opiaten. Dit betekent dat er twee mogelijkheden zijn.

•Of die leerstof wordt toegevoegd, zodat toekomstige Artsen beschikken over voldoende kennis en inzicht over het afbouwen.

•of die leerstof wordt niet toegevoegd en het afbouwen gebeurt voortaan onder de verantwoordelijkheid van een patiëntenbegeleider of iemand anders die hiervoor is opgeleid.


"Mijn huisarts had nog nooit gehoord van clonidine. Ik heb informatie uitgeprint, uitgelegd hoe het werkt, verteld dat lotgenoten er soms veel baat bij hebben en warempel,  toen zei hij, we kunnen het proberen.
Maar dit is toch de omgekeerde wereld...?"

 

Afbouw-inzichten voor Artsen 
gebaseerd op honderden ervaringen van patiënten

Dit is een paragraaf. Klik hier om je eigen tekst toe te voegen.
 

  • afbouwtips voor artsen

  • tijd en aandacht

  • maatwerk

  • kleinere afbouwstappen

  • luisteren naar patiënten

  • begeleiding bij ontwenningsklachten

  • samenwerking

  • ervaringskennis serieus nemen

  • praktische ondersteuning

Het Overkoepelend Onderzoek Afbouwzorg Nederland is opgebouwd uit meerdere deelonderzoeken en praktijksignalen.

In totaal deelden ruim 700 mensen hun ervaringen met het afbouwen van opioïden.
 

Wat hieruit naar voren komt, is duidelijk: afbouwen verloopt in de praktijk vaak niet zoals het zou moeten.
 

In deze analyse laten we zien waar het misgaat — en hoe het anders zou kunnen.

Op deze pagina vind je geen medische richtlijn, maar laat zien waar patiënten in de praktijk tegenaan lopen — en wat volgens hen helpt.
 

Afbouwen is maatwerk

Het afbouwen van opiaten is praktijk vaak een complex en grillig proces.

 

Er moet rekening worden gehouden met factoren zoals duur van gebruik, type opioïde, lichamelijke en psychische reacties op het afbouwen en de persoonlijke situatie van de patiënt.
 

Juist daarom laat afbouwen zich niet vangen in een standaardschema of een vaste tijdsduur.
 

Het tijdig herkennen van kleine signalen, het aanpassen van het afbouwtempo en het vermogen om op tijd bij te sturen bepalen vaak of een traject draaglijk blijft of juist vastloopt.

bottom of page